Home

Laatste wijzigingen in ons archief

Delen op Facebook

Statistieken

Aantal paginahits: 10.708.698
Aantal bestanden: 1.038.631
Ontsloten informatie (MB): 505.941
Heemkundige Kring van Gooik

Afdrukken E-mail
Uit met de Heemkundige Kring van Gooik

Volgende activiteiten

 
Persboek 2015 Afdrukken E-mail
Het is ons weer eens gelukt! Het nieuwe Persboek is er en het is weer een dik exemplaar geworden: een 472 pagina's tellend overzicht van 2015. Het is het 32ste in de rij, met opnieuw honderden artikels over Groot-Gooik die in de pers van afgelopen jaar zijn verschenen. Een werkelijk unieke uitgave, met zovele verschillende onderwerpen. Van buurtfeesten tot sportieve verwezenlijkingen, van burgemeesters en schepenen, van gewone mensen die iets ongewoons hebben meegemaakt, van geluk en ook van tegenspoed in het leven. Van gebouwen en plaatsen, van…teveel om op te noemen. Als je de recente geschiedenis van je gemeente wil bewaren, dan is dit de enige gelegenheid! 

Veel lees- en kijkgenot ermee. De prijs bedraagt 25 € per stuk, voor de leden slechts 22,50 €. De persboeken liggen vanaf nu in de bibliotheek en in heel wat winkels in Gooik.
 
Onze nieuwste uitgaven Afdrukken E-mail
Ghislain Potvlieghe (°1936) is orgelbouwer, musicus en organograaf. Hij gaat naar eigen zeggen al naar de negentig maar levert met dit boek een doorwrocht overzicht af van de kerkorgels in het voor de gelegenheid iets verruimde Pajottenland, in een (kleur)rijke taal om duimen en vingers bij af te likken. Je kunt al een half mensenleven lang iedere zondag ter kerke trekken en in dit boek alsnog op beschrijvingen van details botsen die je al die jaren niet eens had opgemerkt in je eigen parochiekerk. Wie dit boek leest, wil ter plaatse gaan kijken… en luisteren. Ghislain Potvlieghe schreef geen gortdroge opsomming van instrumenten met hun eigenschappen, wel een persoonlijke, doorleefde beschrijving van orgels, van de kerk waarin ze staan en van het landschap waarin die kerk prijkt. Hij lijkt met een terugwerkende kracht van eeuwen mee te kijken onder het schedeldak van opdrachtgevers en bouwers maar ook van lieden die het gebouwde achteraf verknoeiden. Want dit boek is tegelijk een ondubbelzinnige aanklacht tegen de manier waarop in het Pajottenland een aantal orgels – voor Vlaanderen soms unieke exemplaren, zoals dat van Bellingen en dat van Leerbeek – met de wanstaltige rugzak der transformatie wordt opgezadeld. Het is een dringende uitnodiging, aan al wie die handschoen opnemen durft, om deze prachtige stukken muzikaal en architectonisch erfgoed in eer te houden en waar nodig ‘tot op het bot’ te herstellen. De cd bij dit boek is nergens afzonderlijk te koop en illustreert met speciaal voor dit boek gemaakte opnamen (augustus 2016) de kwaliteit van een aantal orgels die gelukkig wel naar waarde zijn geschat door degenen die er verantwoordelijkheid voor dragen. De instrumenten zelf en de muziek die Sarah Copriau erop uitvoert vormen als het ware een muzikale reis van oude tot hedendaagse muziek en illustreren daarmee de veelzijdigheid van het Pajottenlandse orgellandschap.

Met het thema van Erfgoeddag 2016 'Rituelen' en dan voor onze streek (Het Pajottenland) specifiek 'Volkssporten', moesten we niet lang twijfelen aan het onderwerp voor die dag en bij uitbreiding voor dit nieuwe boek. Het wipschutten of handboogschieten is in ons en ieders geheugen gegrift als zijnde een typische volkssport en het had altijd iets geheimzinnigs, bijna magisch over zich. Een groep mannen - want dat was het toch tot voor kort, nu mogen vrouwen ook al mee schieten - die zich in een bepaalde, bijna elitaire groep bezighielden met het (boog)schieten naar 'vogels' die op een staak hoog in de lucht vastgehecht waren. En daar konden ze zich week na week, voor sommigen bijna dag in, dag uit, mee bezighouden: dat moest toch iets uitzonderlijks zijn.

Voor de meeste mensen is dat 'geheimzinnige' er nog altijd: ze hebben er heel veel over gehoord, maar zijn er nog nooit bij betrokken geweest en dus blijft het een min of meer onbekende sport. Veel werd er bij ons nog niet over geschreven, zeker niet de laatste tijd. Aan dat gebrek - te weinig info en historische achtergrond - is nu verholpen met dit boek. Voor Gooik was het niet te moeilijk omdat er al één en ander gepubliceerd was over de jaren heen, het kwam er op aan om over de laatste periode nog wat info te verkrijgen. Voor het overige zijn voor dit gedeelte vooral veel foto's bijgekomen, die nog nooit verschenen zijn in boekvorm.

Maar voor Leerbeek en Oetingen lag het anders. Deze twee schrijvers, René De Loecker en Roger Poelaert, moesten zo goed als van niets vertrekken om de geschiedenis van 'hun handboogmaatschappijen' te schrijven en dat was niet vanzelfsprekend. En toch hebben ze prachtig werk geleverd: d.m.v. interviews en foto's hebben ze dat vroegere schuttersgebeuren weer tot leven gebracht. Daaruit spreekt een levenslust van jonge en oude mensen uit een tijd, die zo ver weg lijkt, terwijl het soms nog geen 30 of 40 jaar geleden is... Spijtig genoeg is het enkel in Leerbeek dat deze volkssport nog voort wordt gezet, in Gooik en Oetingen is er geen handboogmaatschappij meer, over Kester is niets meer geweten of gevonden. De moderne tijd heeft deze sport in een hoekje geduwd, waar ze moeite heeft om uit te geraken. Hopelijk lukt het met dit boek, de activiteit op Erfgoeddag en wat reclame erbij, om opnieuw iets uit de grond te stampen. Hopelijk richten jonge en minder jonge mensen weer hun scherpe blik weer naar boven, om precies te schieten en weer plezier te beleven aan een heel traditionele volkssport. De toekomst zal het uitwijzen!

Wie over orgelmuziek in Vlaanderen spreekt, kan moeilijk om de naam van Ghislain Potvlieghe heen. Al in de jaren 1960 publiceerde hij artikels over onze orgels in de streek en verder, in tijdschriften zoals ‘Eigen Schoon en De Brabander’ en ‘De Brabantse Folklore’. Daarnaast bracht hij ook al een aantal eigen werken uit over orgels, o.a. ‘Orgelkunst in Vlaanderen’, een uitgave van het Mercatorfonds. Hij is een autoriteit, wat kennis over deze prachtige, maar vaak vergeten muziekinstrumenten betreft. Vorig jaar konden wij hem strikken om over onze vier Gooikse orgels te schrijven in ons tijdschrift ‘Gooik’. Het werden vier uitgebreide stukken over twee Loret-orgels, één Anneessens en één Le Royer-orgel, het pronkstuk van onze gemeente, dat zich bevindt in de kerk van Leerbeek.
Dit boek is een bewerkte versie van deze vier artikels, in een specifieke opstelling, met meerdere aanvullingen en ook werden nog heel wat nieuwe foto’s (van Jean-Paul De Loecker) bijgevoegd. De teksten zijn geschreven in een verhalende stijl en evenzeer voor de professioneel als voor de liefhebber bedoeld. Ze proberen op een luchtige, maar toch enigszins kritische toon, de lezer wegwijs te maken in een specifieke materie die de kerkorgels toch zijn. Ze laten de lezer op een heel andere manier kijken naar die soms magistrale, soms lieflijke instrumenten die zich achteraan in de kerken van Groot- Gooik bevinden. Ze staan daar wat verloren, soms helemaal naar de kant geduwd, maar dit werk van Ghislain Potvlieghe haalt ze terug naar voor, wil ze opnieuw naar de mensen brengen, voor wie ze bestemd waren/zijn. Bekijk ze goed op de vele detailfoto’s, die ons een ander beeld geven van deze instrumenten. Lees de teksten en leer bij hoe en wanneer deze instrumenten in onze kerken zijn gekomen, van wie ze zijn en wat deze mensen betekend hebben in de wereld van het kerkorgel. Dan zal ons doel bereikt zijn: weer interesse opwekken voor soms eeuwenoude ‘muziekmeubels’, die we jarenlang hebben laten verkommeren en waarvoor zovele kenners ons benijden, omdat deze te vinden zijn in onze kleine Pajotse gemeente.
1815 - de slag bij Waterloo! Tweehonderd jaar na die historische datum worden heel wat boeken geschreven over de 'grote' keizer Napoleon. Auteur Serge Moonens echter wilde de kleine man herdenken, de honderden jongens van Gooik en omstreken, die gedwongen werden om te gaan vechten in dat enorme leger van de heerser van Europa op het einde van de 18de en in het begin van de 19de eeuw. Al te dikwijls worden deze jonge mannen vergeten, die uit hun gezin weggesleurd werden, meestal tegen hun zin, om vaak nooit meer terug te keren - of verminkt - en om te gaan vechten voor een zaak die zeker niet de hunne was.
De auteur bespreekt eerst de sociale toestand van de Gooikse bevolking tijdens de eerste jaren van de Franse bezetting. Daarin kan men al zien dat die situatie weinig rooskleurig is: armoede is hier troef! Dan wordt onderzocht hoe het van de Franse Revolutie zo ver gekomen is, dat één man geheel Europa wou veroveren. 
Stilaan worden onze gewesten volledig ingenomen, tot zover men ook jonge mannen gaat recruteren voor dat Franse leger, omdat men meer en meer manschappen nodig had om te gaan vechten. Gedurende 16 jaar ongeveer gaan honderden Gooikenaars meegesleurd worden in die maalstroom van ellende en verdriet. Die 'lotelingen' zelf zijn vergeten oud-strijders geworden, zonder veel vormen van erkenning. En ook dat aspect wordt in dit boek goed beschreven. 
Als besluit van het boek wordt de laatste slag van Napoleon beschreven: 18 juni 1815, wat meteen het einde betekende van vele jaren onderdrukking en uitbuiting. 
Het is goed dat dit werk er gekomen is in onze ondertussen welgekende reeks 'Bijdragen tot de Gooikse geschiedenis', en dan specifiek in het jaar 2015 natuurlijk. Op die manier kunnen we onze voorvaders, die overal in Europa gevochten hebben - en er ook dikwijls gestorven zijn - op een waardige manier herdenken. Hopelijk wordt dit boek een aanleiding tot een gedenkteken aan hen in onze gemeente!
Dit is een reeks van 4 boeken over de ‘Groot-Gooikse’ oud-strijders van de Eerste Wereldoorlog. Nu, 100 jaar na het begin van die ‘Groote Oorlog’ hebben wij toch nog genoeg informatie gevonden om de jonge soldaten van toen weer tot leven te wekken en de geschiedenis van hun oorlogsbelevenissen te vertellen. We situeren ze in hun gezin, we volgen ze in hun krijgsomstandigheden en bij diegenen die terugkeerden, proberen we hun verdere levensloop samen te vatten. Wat betekenden die jongens, die terugkwamen uit de oorlog nog in hun dorp, jaren later? Dat is de vraag die we ons ook gesteld hebben. Voor éénentwintig onder hen was er geen terugkeer meer mogelijk, zij stierven op het 'veld van eer', zoals dat genoemd wordt. Uiteraard krijgen ze een speciale plaats in de bespreking, net zoals de verschillende burgers die gedood of meegevoerd werden door de Duitsers. Het is dus geen reeks geworden, waarin je veel oorlogsbeelden ziet, maar waar eerder een hulde gebracht wordt aan de ongeveer 250 jonge mensen, die veelal in erbarmelijke, gevaarlijke of ongezonde omstandigheden moesten zien te overleven, en daarvan soms heel veel last en pijn overhielden. Het leven na de oorlog was nooit meer hetzelfde voor hen en voor hun familie. Ook dat wordt duidelijk in de verhalen van onze 4 schrijvers: René De Loecker, Willy Juwet, Frans Peetermans en Roger Poelaert. Zij zorgden ervoor dat de Leerbeekse, Kesterse, Gooikse, Strijlandse en Oetingse oud-strijders nooit meer vergeten zullen worden. Ook al is het 100 jaar geleden… Naast die 4 vaste schrijvers zorgden Pat Delrue, Luc De Visscher en Serge Moonens voor bijkomende informatie over de Eerste Wereldoorlog. Rufin De Vos was de man die veel opzoekingswerk verrichtte voor de verschillende auteurs.
 
Tijdschrift van de Heemkundige Kring van Gooik Afdrukken E-mail
 
Bezoek onze bibliotheek voor meer informatie.
Iedereen kan lid worden van de Heemkundige Kring van Gooik door het storten van € 20,00 op rekeningnummer BE28 7341 2225 0220. Vermeld zeker je naam en adres (en eventueel ook uw e-mailadres). Als lid zorgen we ervoor dat je 4 maal per jaar dit mooi en verzorgd tijdschrift over Gooik ontvangt. Tevens krijg je een mooie korting op al onze andere uitgaven.
 
Copyright © 2016 Heemkundige Kring van Gooik en Quadrolight Productions. Alle rechten voorbehouden.
Heemkundige Kring van Gooik - Dorpsstraat 67 - 1755 Gooik - tel.: 02.569.39.57 - info@heemkunde-gooik.be