Een vrouw die niet goed bij haar hoofd was, geloofde dat haar familie door het kwaad was geraakt. Wanneer die vrouw een witte of een zwarte kat zag, riep ze: “Ben je van de duivel, ga weg! Ben je van God, kom binnen!” In haar familie had de vrouw een meisje dat op negenjarige leeftijd een gebrek had gekregen.