Over kleren, opsmukken en voorkomen
Een typetje = een mannetje, een heertje. V.D. noemt “tip” in deze betekenis Bargoens. ‘t Zou natuurlijk ook “typetje” kunnen zijn. V.D. citeert: “type...3. persoon met betrekking tot zijn grondvorm, zijn algemeen voorkomen.” Bv.: “ ‘n èùtgebesseld tiepeken” Ook in een vroeger algemeen verspreid lied: “Mijne vrijer is een typeken. Hij heeft een fraksken met een slippeken. ”